Home
 
Present Simple
Present Continuous
Past Simple
Past Perfect
Past Continuous
Be Going To
Will
The Passive

Adjectives

 
Contact

 

The passive voice

The passive voice, in het Nederlands de lijdende vorm genoemd, wordt relatief veel gebruikt in het Engels. In het Nederlands stukken minder, misschien dat daarom veel mensen er moeite mee hebben.

Deze vorm wordt gebruikt als we de nadruk willen leggen op de persoon of het ding dat beïnvloed wordt door een ‘actie’ in plaats van op degene die de actie uitvoert. Normaalgesproken staat degene die de actie uitvoert (the agent) aan het begin van de zin en is dan het onderwerp, dan spreken we van the active voice of de bedrijvende vorm. De andere persoon of het andere ding in de zin is dan degene of het ding dat de actie ondergaat of beïnvloed wordt door de actie, het lijdend voorwerp genoemd (the object).

Te abstract? Bekijk de voorbeelden hieronder voor de verduidelijking.

The active voice (bedrijvende vorm)

The neighbour invited her to the party. - The buurman nodigde haar uit voor het feest.
In bovenstaand voorbeeld is de buurman (the neighbour) degene die de actie uitvoert (the agent) De persoon die de actie ondergaat (her) is het lijdend voorwerp (the object). Als je de nadruk wil leggen op degene die de actie ondergaat maak je dat het onderwerp van de zin en gebruik je de passive voice.

The passive voice (lijdende vorm)

She was invited to the party by the neighbour. - Zij werd uitgenodigd voor het feest door de buurman.
In bovenstaand voorbeeld wordt de actie nog steeds uitgevoerd door de buurman maar ligt de nadruk op degene die de actie ondergaat (she).

Gebruik

We gebruiken the passive voice als:

We niet weten wie de actie uitvoert (wie de agent is).

  • Niet active: Someone has stolen my car! - Iemand heeft mijn auto gestolen!
  • Maar passive: My car has been stolen (by someone)! - Mijn auto is gestolen (door iemand)!


Het overduidelijk is wie de agent is.

  • Niet active: The teacher gave her a bad mark. - The leraar gaf haar een slecht cijfer.
  • Maar passive: She was given a bad mark. - Zij kreeg een slecht cijfer.


Het niet belangrijk is wie de agent is.

  • Niet active: Do you need a lift? – No thanks, someone is picking me up.
  • Maar passive: Do you need a lift? – No thanks, I am being picked up.


Mensen in het algemeen de agent zijn.

  • Niet active: You can buy aspirin at the pharmacist’s.
  • Maar passive: Aspirin can be bought at the pharmacist’s.

 

Vorm

Hieronder volgt een lijst van alle werkwoordsvormen die gebruikt kunnen worden in the passive voice.

werkwoordsvorm vorm voorbeeld

Present continuous

am/are/is being + werkwoord

The house is being redecorated.

Present perfect simple

has/have been + werkwoord

The house has been redecorated.

Present simple

am/is/are + werkwoord

How is this word pronounced?

Past simple

was/were + werkwoord

All his credit cards were stolen last week.

Past continuous

was/were being + werkwoord

He was being treated for depression when he won the lottery.

Past perfect simple

had been + werkwoord

The vegetables had been cooked for far too long, but we had to eat them.

Future simple

will be + werkwoord

The house contents will be auctioned a week on Saturday.

Future perfect simple

will have been + werkwoord

There’s no point in hurrying. It will all have been eaten by now.

Infinitive

(to) be + werkwoord

Exams have to be taken almost every year you are at school.